
Collega Peter Overzier over het Psychologenspreekuur op Hogeschool Rotterdam
Sinds het schooljaar 2022-2023 kunnen studenten van de Hogeschool Rotterdam op 4 locaties terecht bij een psychologenspreekuur. Dit spreekuur wordt verzorgd door preventiedeskundigen van Indigo en biedt studenten laagdrempelige ondersteuning bij mentale problemen. Eén van de betrokkenen is collega Peter Overzier. We spraken hem over zijn werk en de hulpvragen waarmee studenten bij hem aankloppen.
Korte lijnen, snelle hulp
Peter is 2 middagen per week aanwezig op de Hogeschool locaties Kralingse Zoom en Academieplein. Naast deze locaties kunnen studenten ook terecht bij de Hogeschool locaties Museumpark en Willem de Kooning. ‘Het mooie aan dit spreekuur is de laagdrempeligheid,’ vertelt Peter. ‘Decanen spelen daarin een belangrijke rol. Als zij signaleren dat een student psychische klachten ervaart, kan de student naar ons worden doorverwezen. Die samenwerking verloopt erg goed. Decanen weten goed welke hulpvragen bij het spreekuur passen.’ De aanmeldingen bij het spreekuur verlopen in golven. Peter: ‘De Hogeschool heeft zijn eigen ritme. Rond de kerstperiode is het bijvoorbeeld vaak druk. Dan krijgen studenten hun cijfers en worden projecten afgerond. Ook tentamenweken of het einde van het schooljaar zijn voor studenten vaak stressvolle periodes.’
Drie typen hulpvragen
Peter ziet een breed scala aan hulpvragen voorbijkomen, maar hij onderscheidt grofweg drie hoofdcategorieën: ‘De eerste groep studenten kijkt terug op hun thuissituatie, nu ze wat ouder zijn, en beseft dat die situatie eigenlijk niet normaal was. Denk aan opgroeien in een gezin met veel ruzie of verslaving. De tweede groep komt met oude diagnoses, zoals ADHD, die eerder vooral op de basisschool een rol speelden. Op het hbo lopen ze ineens vast, omdat er veel meer zelfstandigheid van ze wordt verwacht. En de derde groep bestaat uit studenten die psychische klachten ontwikkelen tussen hun 15e en 25e levensjaar. Ze voelen zich somber, merken dat ze vastlopen in patronen of maken zich zorgen om iemand in hun omgeving. Dat zijn heftige dingen om mee te dealen.’
De impact van corona
Corona is nog altijd een onderwerp dat vaak terugkomt in gesprekken. ‘De lockdowns hebben bij veel studenten geleid tot sociaal isolement. Geen introductieweken, geen eindexamenfeest, nauwelijks contact met medestudenten... Dat heeft bij sommigen blijvende impact gehad. Ik zie regelmatig studenten die sindsdien angstiger of somberder zijn.’
Praktisch én geruststellend
Peter werkt met technieken uit de cognitieve gedragstherapie (CGT), acceptance and commitment therapy (ACT) en richt zich ook op praktische zaken zoals slaaphygiëne. ‘Vaak help ik studenten hun gedachten te ordenen en gewoontes aan te passen. Als je beter slaapt, voel je je vaak al snel beter. Daarnaast stel ik ze gerust: je bent niet gek, het is logisch dat je schrikt, maar er is ook echt iets aan te doen.’
Van doorverwijzing tot assertiviteitstraining
Soms adviseert Peter studenten ook om hulp in de ggz te zoeken. ‘Dan kijk ik samen met de student waar ze het beste terecht kunnen. We bereiden het gesprek met de huisarts voor of ik stuur een mail die ze kunnen gebruiken.’
Toch is het mooiste volgens Peter wanneer studenten zélf in beweging komen. ‘Ik zie regelmatig studenten die sceptisch beginnen, maar gaandeweg enthousiast worden. Ze gaan praten met hun ouders, kiezen een assertiviteitstraining of pakken iets op waar ze eerder bang voor waren. Dat proces is heel mooi om mee te maken.’
Hulp vragen mag!
Sommige studenten ontdekken tijdens de gesprekken patronen die ze eerder niet herkenden. ‘Ik had laatst iemand die vastliep in de afronding van zijn studie. Toen we het doornamen, bleek dat hij vaker in zijn schoolcarrière op dezelfde manier was vastgelopen. Hij keek me verbaasd aan toen ik hem dat patroon voorlegde — een eye-opener voor hem.’
Peter is blij met de positie die het spreekuur inmiddels heeft gekregen binnen de Hogeschool Rotterdam. ‘Het normaliseren van psychische problemen is zó belangrijk. Je hoeft niet te wachten tot het echt niet meer gaat. Hulp vragen mag — en het kan ook echt iets opleveren.’
